Imker Wagter

De Friese imker Piet Wagter ging als zesjarig jongetje al mee met zijn vader. Het imkeren is hem met de paplepel ingegoten. Hij vond het geweldig om te helpen met het honing slingeren. Als de honing uit het kraantje liep, pakte hij snel een lepel honing. De bijenkasten stonden in de buurt van hun erf en zodra de bijen de geknoeide honing roken, kwamen ze achter de jonge Wagter aan en moest hij rennen.

Prijswinnende honing
“Mijn vader zette zijn bijenkasten in de Nooroostpolder en de Flevopolder, vertelt de imker. “Met het droogleggen van de Noordoostpolder, ontwikkelde zich daar enorm grote velden met moerasandijvie en later werd er koolzaad verbouwd om het zout uit de grond te krijgen. Het koolzaad leverde grote hoeveelheden honing op. Er werden bossen aangeplant en tussen de jonge bomen groeide distels. Mijn vader haalde in een goed jaar 123 pond uit een bijenkast en heeft destijds erg veel prijzen gewonnen”.

Na diensttijd van Piet Wagter overleed zijn vader. De buurman heeft hem geholpen met zijn eerste bijenkasten. De imker is inmiddels immuun voor de steken en imkert zonder bescherming. Soms zet hij een bijenkap op om te voorkomen dat de bijen achter zijn bril vliegen.
Piet vertelt: “Als je een keer met de bijen bent behept dan laat het je nooit meer los. Imkeren is zoiets fascinerend, het is nooit hetzelfde. Het weer, de bloemen, de drachtvelden ... er zijn zoveel aspecten. Het samenspel tussen de koningin, werksters en mannetjes is heel mooi. Voor het nageslacht zijn bij de mens en meeste diersoorten 2 nodig, dat is bij bijen heel anders. De koningin is eigenlijk een veredelt vrouwtje, de werksters slachten de mannetjes in de herfst af en in het voorjaar komen er weer nieuwe darren (mannetjes)”.  

Veel veranderd in de natuur
Zijn kasten staan in de zomer in een groot natuurgebied bij Wolvega. Daar staat de natuur vol met wilg, wilgenroosje, koninginnekruid, braamstruiken en distel. In de Noordoostpolder staan op een 5 hectare natuurproject met veel luzerne ook de kasten van Piet Wagter. De luzerne mag alleen in stroken worden gemaaid en er wordt niet gespoten. “De polders zijn wel anders dan vroeger. De bossen zijn groter geworden. Bij de lindebomen zet ik kasten neer maar je ziet dat onder de bomen geen bloemen bloeien. Er zijn minder drachtgebieden. Dus wijk ik ook uit naar biologische boeren die brede akkerranden aanleggen en groenbemesters. Daar ben ik enorm blij mee en de boeren zijn erg trots op hun akkerranden; het zijn de plekken waar patrijzen, hazen en fazanten komen. Ik heb wel eens meegemaakt dat in de buurt van mijn bijenkasten een fazant tegen mij te keer ging. Dan bleef ik rustig wachten tot de fazant vertrok om daarna aan de slag te gaan met de bijenkasten. Na een half uurtje komt ze weer terug. Even kijken of alles veilig. Uiteindelijk accepteerde de fazant mij en zag ik moeder fazant met haar jonkies langs het koolzaadveld lopen. Prachtig!”

Honing voor de Traay
Piet merkt op dat de natuur in de afgelopen 20 jaar enorm is veranderd. “Als ik dat had geweten had ik het anders aangepakt. Meer bloeiende fruitbomen, linde en acaciabomen geplaatst rondom mijn woning. Dan had ik nu meer bijen thuis kunnen houden. Er zijn nu te weinig bloemen voor mijn bijen. Ik kom al jaren bij een kweker, eerst bij de vader nu overgenomen door de zoon. De kasten staan er dan ongeveer 3 weken. Dan hoop ik dat de kasten kan verplaatsen naar de bloeiende koolzaadvelden. Mijn kasten staan ook bij een biologische boer mosterdzaadvelden en pompoenen. Heb je pompoenhoning wel eens geproefd? Die is heerlijk! Heel lang was distel mijn favoriet maar nu zijn het mixen. Ik meng de honing niet maar verplaatst de bijenkasten met de nog niet verzegelde honing naar een ander drachtgebied. Zo ontstaat er bijvoorbeeld koolzaad met kersen en luzerne.
Ik verkoop mijn honing niet op wekelijkse markten. Mijn honing verkoop ik alleen aan de Traay of aan imkers die te weinig honing hebben”
.

Warme bakker, echte slager en koud slingeren
“Tegenwoordig vind ik het ook heel leuk om, misschien omdat ik ook ouder word, beginnende imkers te helpen met het opkweken van bijen. Ik geef ook presentaties aan boeren die in clubverband graag meer willen weten over het imkeren. Zo heb ik speciaal voor open dagen een bijenkast gemaakt van plexiglas om consumenten veilig naar bijen te kunnen laten kijken. Mensen hebben de meest uiteenlopende vragen over bijen en honing verwerking.
De warme bakker, de echte slager en koud slingeren…vroeger hadden we het nooit over koud slingeren, het was gewoon slingeren. Je kan ook honing persen maar dat is een hele andere soort honing. Toen er nog werd geïmkerd met bijenkorven moest je wel persen, die raten kon je niet slingeren. Ik sneed dat de raat uit de korf en deed dit in de pers. De pers heb ik overgedragen aan het museum”.

Boerenbijen
“Ik heb boerenbijen. Van allerlei soorten door elkaar, grijze, bruine noem maar op. Uit mijn grotere en beste volken kweek ik de koninginnen. Iedere dag ga ik, na de koffie, even naar de bijen kijken. Halen ze stuifmeel, is er voldoende voer of om de kasten inspecteren. Mijn doel is om mijn bijen gezond toe houden, iets bij te kunnen dragen aan de wereld en er zelf zo lang mogelijk van genieten. Ik vind het prachtig mooi. Ik imker al meer dan 55 jaar, het verveelt nooit”.